Ga de uitval van studenten tegen, dringt Inspectie aan bij hogescholen

17 april 2024
Beeld:

Daniël Rommens

Geplaatst door
Benne van de Woestijne
Op
17 april 2024

Een van de belangrijkste doelstellingen voor het hoger onderwijs, de komende jaren? Het tegengaan van de uitval van studenten, meent de Onderwijsinspectie. Onderzoek wat daarvoor nodig is en leer van elkaar, stelt het adviesorgaan in de Staat van het Onderwijs 2024.

Vandaag verschijnt die ‘Staat van het Onderwijs’ officieel en wordt het aan de minister gepresenteerd. Het is een lijvig rapport vol adviezen, dat de Onderwijsinspectie ieder jaar publiceert om de politiek en het onderwijs te vertellen wat de belangrijkste ontwikkelingen en pijnpunten zijn.

 

‘De tijd van vrijblijvendheid is verstreken,’ oordeelt de Onderwijsinspectie dit jaar, die in het rapport harde woorden laat vallen. In de Staat wordt gesproken van een ‘somber beeld’ op basis- en middelbare scholen. Een op de vijf scholen zou niet aan de basiskwaliteit voldoen of zelfs ‘zeer zwak’ zijn, zowel in het primair als voortgezet onderwijs (zie kader). 

Harde conclusies

Wie het rapport leest, wordt niet direct vrolijk van de staat van het Nederlands onderwijs. De Inspectie concludeert uit een steekproef onder bijna honderd scholen, in zowel primair als voortgezet onderwijs, dat een op de vijf scholen niet aan de basiskwaliteit voldoet. Dat betekent dat leerlingen op die scholen niet leren wat ze moeten leren.

 

Tel daarbij op dat ze steeds slechter rekenen, schrijven, lezen (de basisvaardigheden) en ten opzichte van andere landen ook weinig kennis hebben van democratie (burgerschap), en het Nederlandse onderwijs staat voor grote uitdagingen. De verschillen tussen scholen zijn echter groot. Zij moeten dan ook van elkaar leren hoe het beter kan, pleit de Inspectie. 

Voor het hoger onderwijs oogt het beeld minder somber: bijna alle opleidingen die de inspectie controleerde, voldoen namelijk aan basiskwaliteit. Wel moet het hoger onderwijs meer oog hebben voor haar medewerkers, medezeggenschap verder stimuleren en ‘geen genoegen nemen’ met het feit dat de uitval van studenten soms wel erg hoog ligt. 

 

Uitval

Dat laatste pijnpunt krijgt in de Staat 2024 de meeste aandacht. Instellingen wordt in het rapport opgeroepen te onderzoeken waarom studenten uitvallen, én: van elkaar te leren. 

Op de ene hogeschool wordt de uitval van studenten veel beter tegengegaan dan de andere

Meer dan een derde van de hbo-studenten die in jaar 1 uitvallen, begint binnen een jaar of twee weer met studeren. De verschillen tussen instellingen zijn bovendien groot. Volgens de Inspectie is uitval geen natuurlijk gegeven, veroorzaakt door de situatie van de student, maar moeten instellingen naar zichzelf kijken. ‘Een student heeft op de ene instelling een grotere kans uit te vallen dan aan een vergelijkbare opleiding van een andere instelling.’

 

‘Instellingen zouden hier geen genoegen mee moeten nemen en bij elkaar moeten nagaan welke aanpak om uitval te reduceren goed werkt’, schrijft de Inspectie. Hoe de HvA het ten opzichte van andere hogescholen doet? Dat kan de Inspectie niet zeggen, laat een woordvoerder desgevraagd weten. ‘Die gegevens zijn geanonimiseerd.’ 

 

Op dit moment heeft de HvA een zogeheten exit-monitor, maar die biedt in de regel maar een beperkt beeld. De meeste studenten die vertrekken, vullen die vragenlijst niet in. Wie er vaker uitvallen, is hbo-breed wél duidelijk.

 

In het hbo heeft een man 1,6 keer zo veel kans uit te vallen dan een vrouw. Ook studenten uit lagere inkomensgroepen, of die van het mbo komen, haken vaker af. Dat deze groepen het lastiger hebben, is al langer bekend. Dubbel zorgelijk voor het onderwijs als sector: juist op lerarenopleidingen vallen veel studenten uit.

44 procent van de docenten vindt dat nieuwe medewerkers niet goed worden begeleid

Open procedures

Er is steeds meer oog voor de veiligheid en het welzijn van studenten, concludeert de Inspectie verder. Wel moet de klachtenprocedure ‘beter.’ Op dit moment laten instellingen vooral niet echt goed zien hoe vertrouwenspersonen precies te werk gaan.

 

Kunstopleidingen vormen daarop de enige uitzondering: zij noteren over het algemeen in alle uitgebreidheid hoe klachten worden behandeld en hoe daarmee wordt omgesprongen. In deze sector is na alle misstanden dan ook veel meer aandacht geweest voor de sociale veiligheid van studenten (denk aan AMFI, 2021). In studiejaar 2022/2023 kwamen 2.152 meldingen binnen van sociale onveiligheid. 

 

Waardering docenten

Tot slot moet er meer oog komen voor de docent. Die voelt zich niet altijd gehoord door de werkgever, al lijkt dat probleem vooral te spelen op universiteiten. ‘Een aanzienlijk deel van de docenten’, schrijft de Inspectie over het wetenschappelijk onderwijs, ‘voelt zich niet gewaardeerd.’ Universiteiten zouden onderzoek belangrijker vinden dan onderwijs, is onder meer de kritiek. 

 

De begeleiding van nieuwe docenten verdient ook aandacht: docenten die starten, zouden soms zwemmende zijn. Zo vindt 44 procent van de docenten dat nieuwe collega’s onvoldoende begeleiding krijgen. En dat speelt zowel in het wetenschappelijk onderwijs als het hbo.