Warm hè? Zo meten Jeroen en Cor de hitte bij Leeuwenburg

13 juli 2018 Geen reacties 390 Bekeken
Beeld:

Daniël Rommens | Hitte-onderzoekers Jeroen Kluck (links) en Cor Jacobs (rechts).

Geplaatst door
Heleen Gorris
Op
13 juli 2018

Hitte, heerlijk! Toch? Deze zonnige zomer kun je zwemmen, barbecueën en tot laat in het park zitten. Maar de hitte en droogte hebben ook nadelen, laten HvA-onderzoekers Jeroen Kluck en Cor Jacobs zien bij locatie Leeuwenburg.

Het is donderdag vlak voor het middaguur, de zon staat hoog aan de hemel. Het bruine HvA-gebouw Leeuwenburg, naast het Amstelstation, steekt grauw af tegen een strakblauwe hemel. Voor de ingang staan HvA-onderzoekers Jeroen Kluck  – rode broek, groene blouse – en Cor Jacobs – geruit overhemd en wandelschoenen – ons op te wachten.

 

Daniël Rommens | Met het mobiele meetstation meten de onderzoekers de temperatuur bij Leeuwenburg

Kluck (Lector Water in en om de stad) en Jacobs (Micro-meteoroloog) onderzoeken de gevolgen van het veranderende klimaat op Amsterdam. Ze adviseren de gemeente hoe ze de stad ‘klimaatproof' kunnen maken. Vanmiddag laten ze ons zien waarom het bij Leeuwenburg zo heet is.

 

Kluck: ‘In steden zoals Amsterdam, en dan vooral in gebieden waar veel bebouwing is, wordt het ‘s zomers veel warmer dan in landelijke gebieden. Zeker hier rond de Leeuwenburg en bij de Fraijlemaborg naast de Arena. Dat is voor een paar dagen natuurlijk lekker, maar langere periodes van hitte zorgen voor meer doden. Vanaf 2003 kost de hitte jaarlijks gemiddeld 250 mensenlevens.’

 

Meetstation
Kluck en Jacobs rollen hun mobiele meetstation op twee wielen vanaf de ingang van Leeuwenburg richting het Amstelstation. Enkele voorbijgangers trekken in het voorbijgaan hun wenkbrauw op wanneer ze het opvallende karretje zien.

 

Aan de zijkant van het karretje steekt een grijs balletje uit, waarmee de gevoelstemperatuur wordt gemeten. Onder een wit stuk hard plastic zit een temperatuur- en luchtvochtigheidsmeter verstopt. Bovenop de kar kan via een zwarte ton regen worden opgevangen. Een zwarte zonnestraalmeter en een zwart windmolentje maken het geheel af.

Daniël Rommens | Met het grijze bolletje wordt de gevoelstemperatuur gemeten.

‘Het gebrek aan schaduw en wind, in combinatie met tegels en beton zorgt ervoor dat het hier warmer aanvoelt dan het daadwerkelijk is’, zegt Jeroen Kluck als hij zijn kar parkeert op het pleintje tussen Amstelstation en Leeuwenburg.

 

Ter illustratie bukt zijn collega Cor Jacobs en houdt zijn hand vlak boven de tegels die het pad van Amstelstation naar de ingang van Leeuwenburg plaveien. ‘Deze tegels houden door hun donkere kleur hitte vast en kunnen daardoor op warme dagen een temperatuur van wel 70 graden bereiken’.

 

Jacobs en Kluck nemen ons mee naar het busstation. Ze manoeuvreren hun meetkar behendig door de ov-poortjes in het Amstelstation.

In Nederland, en dus ook in een stad als Amsterdam, komen hittegolven steeds vaker voor. Dat heeft te maken met klimaatverandering. Doordat de aarde opwarmt, krijgen we in Nederland vaker en langer droge en warme periodes. In bebouwde gebieden blijft warmte daarom langer hangen.

 

Hoe los je dat op?

 

Zodra we het busstation van Amsterdam Amstel oplopen koerst Kluck meteen op een dak met verdorde planten af. ‘Kijk, deze poging om het veranderende klimaat in Amsterdam tegen te gaan is mislukt,’ zegt hij.  ‘De ontwerpers hebben hier struiken geplant voor meer koelte. Die struiken houden water vast, en doordat dat water bij warmte verdampt koelt de omgeving af. Maar vervolgens hebben ze de planten dood laten gaan.’

Daniël Rommens | Ook op een grijswit stenen oppervlak loopt de temperatuur snel op.

Het gebeurt volgens Kluck vaker dat ontwerpers voor de vorm een paar planten op en rondom gebouwen zetten en klaar denken te zijn. ‘Om de stad hittebestendig te maken moet in bouwplannen serieus rekening worden gehouden met schaduw en groen.’

 

Grijswit wegdek
Ook de grijswitte kleur van de rijbaan vinden Kluck en Jacobs geen oplossing om hitte tegen te gaan. ‘s Nachts koelt grijswit wegdek wel sneller af dan donkere tegels, maar overdag stoot het de warmte van het zonlicht meteen weer af. ‘Daardoor wordt het in de directe omgeving alleen maar warmer,’ zegt Jacobs.

Hitte heeft gevolgen voor de economie: ‘Knieën bloot, handel dood’

Hij parkeert het mobiele meetstation, dat eerst op donkere tegels stond, op de rijbaan. Het molentje dat de wind meet, verroert zich niet. Na tien minuten is de temperatuur opgelopen van 27,2 graden naar 28,9 graden.

 

Als de gemeente niets doet aan hitte in de stad, heeft dat gevolgen voor de economie. Mensen gaan volgens Kluck de stad en winkels mijden. ‘Knieën bloot, handel dood’, zegt hij lachend.

Volgens Cor Jacobs zorgt al dat steen en beton in de stad ervoor dat het in woonwijken ‘s nachts niet genoeg afkoelt. ‘Uit meetgegevens blijkt dat het in Amsterdam 2 graden warmer is dan buiten de stad. Uit metingen in Rotterdam blijkt dat het daar op sommige plekken wel 5 tot 8 graden warmer is.’

 

Zowel donker als licht wegdek is niet ideaal. Wat adviseren Kluck en Jacobs dan wel?

 

Verkoelend

‘Wat rondom Leeuwenburg mist, is schaduw; het liefst van bomen’, legt Kluck uit. ‘Door het vocht dat bomen vasthouden werkt hun schaduw extra verkoelend. Verkoelender dan schaduw van gebouwen. Meer groen is dus de oplossing. Daarnaast zorgt schaduw ervoor dat je uit de zon bent, en dus kunt afkoelen’.

 

Wil je zelf ook graag koel blijven in de zomerse stadshitte, dan hebben Kluck en Jacobs nog wel tips: drink genoeg water en zet een pet op.