Julia juicht – en ziet: het beste studentenhuis is het thuisfront

25 januari 2023
Geplaatst door
Julia Kroonen
Op
25 januari 2023

Vanuit Noord-Brabant gaat Julia Kroonen (22) voor het vierde jaar naar de HvA om te studeren. Terug naar de grote stad, na een lange tijd achter de laptop in haar slaapkamer; Julia schrijft het allemaal op. Deze week over hoe het is om weer thuis te komen wonen. 

Hoe ga ik dit ooit overleven, dacht ik toen ik in december weer bij mijn ouders introk. Al was het voor hen één groot feest: hun verloren dochter was weer terecht! Hoe lang zou ik dit volhouden? Een maand?

 

Al op dag één dat ik op mezelf woonde, was ik verkocht: weg met de mihoen, hallo kapsalon! Mijn kamer mocht zo rommelig zijn als ik zelf wilde en of ik nou om drie uur ’s middags wakker werd of om zes uur ’s ochtends: niemand die er iets van zei. Ik had mijn eigen plekje en daar genoot ik met volle teugen van.

 

Sterker nog: ik ben in die periode amper thuis geweest. Wel facetimede ik af en toe met mijn ouders. Weer thuiswonen klonk als horror. Toch zat er uiteindelijk niets anders op: de huur liep af en er waren in Den Bosch geen kamers meer beschikbaar. Noodgedwongen woon ik daarom inmiddels ruim een maand weer bij mijn ouders.

 

Die omschakeling leek heel wat, maar bleek best mee te vallen. Na een week was ik alweer vergeten dat ik ooit op mezelf had gewoond. Koken? Dat doet mijn moeder. De was? Ook haar taak. Stofzuigen is een mooi klusje voor mijn vader. En ik? Ik deed niks, behalve mopperen als ik van mijn ouders de badkamer moest poetsen. Die taak ‘vergat’ ik dan ook regelmatig.

 

In het studentenhuis was dat wel anders. Daar miste ik nooit een schoonmaakdeadline, want dan vond ik mezelf een slechte huisgenoot. En, o ja, dan hebben we nog de boodschappen. Waar ik eerst een uur in de supermarkt stond om prijzen te vergelijken, gooide ik nu zonder na te denken alles in het mandje.  

‘Het thuisfront is eigenlijk het beste studentenhuis dat je maar kan hebben. Dat heb ik me nooit gerealiseerd’

Luilekkerland veranderde toen mijn vader eens voor de grap zei dat ik huur moest betalen. Daar kreeg ik het benauwd van: ik moest er niet aan denken weer maandelijks zo’n giga-afschrijving te krijgen. Ik wimpelde het gesprek af, al lag ik er ’s avonds wakker van. Ik betaal nu inderdaad nergens aan mee, terwijl mijn ouders door mijn terugkomst extra kosten hebben. Om dat te bekostigen moeten zij hard werken, waarna ze verrast worden dat het huishouden nog niet is gedaan. Ik zou wel wat dankbaarder mogen zijn, bedacht ik me. Het thuisfront is eigenlijk het beste studentenhuis dat je maar kan hebben. Dat heb ik me nooit gerealiseerd.

 

Als tegenprestatie besloot ik daarom voortaan hetgeen te doen waar ik een pesthekel aan heb: koken. Rijst, pasta, ovenschotels: ik zorg ervoor dat mijn ouders om stipt 18:15 uur kunnen aanschuiven. Mijn kamer blijft een dingetje, maar daar tegenover staat wel dat ik zonder gezeur de was doe en de badkamer poets. Meebetalen aan de huur is er nog niet van gekomen en daar ben ik héél blij mee. Weer thuiswonen heeft me echt doen realiseren hoeveel mijn ouders voor me doen. Natuurlijk wil ik binnenkort weer een eigen plekje, maar voor nu ga ik proberen thuis een goede huisgenoot te zijn. Die 21 jaar aan luieren inhalen!