De vijf van ’25 – Jacqueline Schoone over sociale veiligheid aan de HvA
Benne van de Woestijne
Ombudsfunctionaris Jacqueline Schoone
Het jaar loopt ten einde. HvanA kijkt in vijf verdiepende gesprekken vooruit naar wat het hbo na 2025 te wachten staat. Deze keer: sociale veiligheid. Hoe kan het dat HvA-medewerkers zich gepest, weggezet of onveilig voelen? Ombudsfunctionaris Jacqueline Schoone geeft haar visie: ‘De HvA is hiërarchischer dan je denkt.’
Het is een uitgebreid, open gesprek met Jacqueline Schoone, op een woensdagmiddag op zes hoog in het Wibauthuis. Een gesprek waarin tegelijkertijd niet alles gezegd kan worden. ‘Op twee vragen die je mij toestuurde kan ik niet ingaan’, zegt Schoone meteen. Het gaat om de situatie bij het cluster Finance & Accounting, waar ze de afgelopen maanden het werkklimaat onderzocht.
Schoone dealt met precaire kwesties binnen de HvA. Situaties waarin mensen soms recht tegenover elkaar staan, of waarbij medewerkers hun manager het liefst een andere baan wensen. Situaties waarbij ze dus discreet moet zijn. Als ombudsfunctionaris behandelt ze klachten van medewerkers en studenten die soms geen andere optie meer zien dan bij haar op gesprek te komen.
‘Ik ben als het ware een last resort’, meldde ze vorig jaar bij haar aantreden. In de anderhalf jaar dat ze nu aan de gang is, steeg het aantal mensen dat zich meldde over structurele sociale onveiligheid binnen de HvA fors. We willen van haar weten hoe dat komt.
Het was uw eerste volledige kalenderjaar als ombudsfunctionaris aan de HvA. Wat voor jaar was het?
‘Zeg maar jij, hoor. Het was een jaar waarin het aantal meldingen toenam. In 2024 waren er 46 zaken, waaronder negen studenten. En voor de duidelijkheid: met een zaak bedoel ik iemand die mij benadert, met wie ik ook daadwerkelijk in gesprek ga.’
‘Als ik nu kijk naar 2025, dan zitten we op tachtig meldingen, waarvan twintig studenten. En weet je… eigenlijk vind ik dat goed nieuws.’
Goed nieuws?
‘Ja. Het betekent namelijk dat de ombudsfunctionaris binnen de hogeschool gevonden wordt.’

Beeld: Benne van de Woestijne | Jacqueline Schoone
‘De andere kant van dit verhaal is dat meer mensen er niet direct met hun eigen collega’s en leidinggevenden uitkomen. Maar organisaties waar niks naar boven komt, daar ben ik veel sceptischer over. Dat is vaak juist een slecht teken aan de wand.’
Wat is je opgevallen aan de mensen die hun verhaal bij je deden?
‘Dat er een paar grote kwesties rondom structurele sociale onveiligheid zijn op de HvA. Situaties waarbij mensen zich echt niet gehoord voelen. “Hoe dingen hier worden opgepakt, is níét juist”, klonk het vaak. Of: “Ik voel me niet gehoord, er wordt gewoon niet geluisterd.”
‘De hogeschool is als een soort piramide, waardoor lang niet iedereen zich durft uit te spreken’
‘Ik denk dat het wat in het DNA van mensen hier zit. Dat ze écht betrokken zijn, maar daardoor ook snel vinden dat iets niet goed gaat, of dat er een overhaaste beslissing wordt gemaakt.’
‘Soms lopen die zaken echter al te lang. En dat is jammer. Ik doe dit werk met liefde, maar soms is het al behoorlijk uit de hand gelopen, voordat ze nog eens bij mij komen.’
Het heeft mij als relatieve buitenstaander verbaasd dat mensen binnen de HvA, waar iedereen in wezen werkt vanuit het ideaal om goed onderwijs mogelijk te maken, soms zo ontzettend tegenover elkaar kunnen komen te staan.
‘Ja. Zeker. Ik zie dat ook. Dat het zo ver gaat, dat het polariseert. Dat er eigenlijk geen nuance meer is, met medewerkers die in een negatieve spiraal belanden. Ze houden zich kranig, spreken zich lange tijd niet uit over wat er gebeurt. Het gaat immers om de student. Tot het een keer knapt.’
‘In wezen is dit problematisch. Ik wil hen niet de schuld geven, maar zo zijn ze wel deels veroorzaker van het conflict, ben ik bang. Want als het dan eenmaal is geknapt, verhardt de sfeer, verdwijnt de nuance en wordt vervolgens alles in een negatief frame bezien. “Mijn leidinggevende is een psychopaat. Hij is een narcist”. Dat soort uitspraken krijg je dan.’
Maar waarom gebeurt dit juist zo veel op de HvA, of in het hoger onderwijs? Juist op instellingen is sociale onveiligheid al jaren een groot thema. Denk aan de TU Delft.
‘Wat het hoger onderwijs kenmerkt, is de enorme afhankelijkheid die mensen van elkaar hebben. Of, laat ik het zo zeggen: ervaren.’
Wie is Jacqueline Schoone?
Als ombudsfunctionaris in het hoger onderwijs heeft Jacqueline Schoone een lange staat van dienst. Ze deed dit werk onder meer voor de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, Wageningen University en de Vrije Universiteit.
Sinds juni 2024 is ze ombudsfunctionaris aan de HvA, voor zowel medewerkers als studenten. Schoone behandelt individuele klachten, maar kan ook op eigen houtje onderzoek doen naar bredere misstanden binnen de hogeschool. Ze is altijd neutraal en levert advies.
‘Dat creëert soms een soort cultuur in deze organisaties waarbinnen mensen zich niet durven uitspreken. Misschien is het niet eens waar, maar mensen denken wel: als ik hier nu een probleem van ga maken, moet ik dingen inleveren. Dan krijg ik de k-klussen.’
‘De hogeschool is wat dat betreft hiërarchischer dan je denkt. Ook de HvA is in wezen een soort piramide, waarin je kúnt doorstromen – maar lang niet iedereen die kans krijgt. Dat maakt dat mensen soms oppassen met wat ze zeggen, terwijl er soms van alles speelt.’
Je zegt dat het soms een kwestie van gevoel is. Maar soms krijgen mensen er direct mee te maken. Ik ken genoeg voorbeelden van mensen op de HvA die zich online – bijvoorbeeld op LinkedIn – ergens kritisch over uit te laten, om het vervolgens terug te horen van hun leidinggevende. Dat ze opgebeld worden: zeg, haal die post eens offline, dit straalt niet goed af op de hogeschool.
‘Ja, ik ben bekend met die voorbeelden. Ik kijk er misschien anders naar dan jij. Jij bent van het open debat, maar ik ben ook weleens kritisch op wat mensen allemaal online zetten. Ik ben ambtenaar geweest, misschien is dat het. Ik vind dat je tussen deze muren, waar wij nu zitten, best ruzie kunt krijgen. Maar als het naar buiten toe is, dan verdédigen we een besluit. Dat doen we collectief. Dat moet ook, als hogeschool. Je mag kritisch zijn, maar je moet ook niet zomaar de vuile was buiten gaan hangen.’
‘Binnen de muren van de HvA moet je kunnen discussiëren, maar ik zou wel oppassen met wat je allemaal naar buiten brengt’
Ook als het om een mening gaat, of als je het ergens oneens mee bent? Ik vind het wel merkwaardig dat je als HvA-medewerker geen open debat mag aanzwengelen.
‘Het diplomatieke antwoord dat ik hier moet geven is dat ik de precieze context van deze voorbeelden niet ken. Binnen de muren van de HvA moet gewoon gediscussieerd kunnen worden, dat vind ik wel. Maar ik zou wel een grens trekken over wat je allemaal naar buiten brengt. Bespreek het dan eerst intern.’
Toch even door op dit punt. Want wat nu als het probleem juist is dat je binnen die muren niet gehoord voelt? We hebben net vastgesteld dat er sprake is van een hiërarchische cultuur binnen de HvA, en dat mensen soms vinden dat er niemand luistert.
‘Ja… ik begrijp het punt. Je moet je wat dat betreft afvragen: is het debat binnen de HvA nu voldoende gefaciliteerd? Dat kun je je sterk afvragen, maar ik durf het antwoord nog niet te geven. Bij de UvA lijkt wel meer een cultuur te heersen van ‘kritisch je mening geven’. Ik heb ervaring binnen universiteiten, bijvoorbeeld de UvA, en daar heerst meer een debatcultuur, waarin meningen juist mogen schuren. Overigens kreeg ik er verder geen officiële klachten over, binnen de HvA.’
‘Bij de Faculteit Business en Economie kwam iets los dat al langer speelde’
We praten een beetje met meel in de mond. Er is één faculteit waar het afgelopen jaar heel vaak ging over sociale onveiligheid. Dat was de Faculteit Business en Economie. Waarom regende het juist daar klachten, denkt u?
‘Daar kan ik naar gissen. Er zijn ook andere faculteiten waar genoeg speelt, zo is het ook. Maar ik denk dat er bij FBE op de een of andere manier iets loskwam, wat al veel langer speelde. Dan moet je misschien zelfs terug naar de Hogere Economische School, de voorloper van de faculteit. En de cultuur die daar in zwang was.’
Je gaf aan het begin van dit gesprek aan niet in te kunnen gaan op de zaken bij het cluster finance en AMSIB. Toch ben ik wel benieuwd, naar wat dan die ‘cultuur’ is geweest waarin deze situaties konden ontstaan?
‘Dit is natuurlijk een hele relevante vraag. Je kunt niet zeggen dat het heel veel te maken heeft met leiderschap dat continu wisselde of iets dergelijks – de vorige decaan heeft er lang gezeten. Voor een economische faculteit vind ik het eerlijk gezegd atypisch. Op universiteiten was de cultuur bij de economische opleidingen vrij no-nonsense.’
‘Ik kan niet zomaar zeggen: het ligt hieraan. Maar dat er veel loskomt bij FBE, kan ik niet ontkennen. Wat bij AMSIB en Finance gebeurde, zijn in principe unieke kwesties, maar wel uitingen van een bepaalde dynamiek. Aan de andere kant laat het ook de enorme gedrevenheid zien van medewerkers bij FBE. Zie dat dan maar weer als iets positiefs.’
Wat als een conflict zo ver escaleert, dat het vertrouwen onherstelbaar beschadigd lijkt. Wat kun je dan nog doen?
‘Terechte vraag. Ik ben bang… niet zo veel. Bij sommige arbeidsconflicten gaat het om een diepe pijn, waarbij het vertrouwen allang weg geërodeerd is. In zo’n geval zit er soms niets anders op dan goed uit elkaar gaan. Dat zeg ik soms ook wel: vergelijk het met een relatie die niet meer werkt. Misschien is het beter om verder te kijken.’
Zeg je dat dan ook tegen een leidinggevende, dat het misschien beter is om te vertrekken?
‘Ik heb ook weleens het gesprek met een leidinggevende, van: hoe leuk is dit nog? Maar ik ga nooit de schuldvraag bij één iemand neerleggen, ook niet in mijn rapporten. Er zijn weleens meldingen over iemand die zich “echt niet zou gedragen.” Maar ik heb in mijn carrière ook gezien dat er dan met een goed coachingstraject verbetering kan optreden. Het probleem ligt zelden bij een leidinggevende alleen. Meestal is het een schadelijk patroon waar leiding en medewerkers in terecht zijn gekomen.’
En studenten ook. Want zij krijgen indirect of direct ook het een en ander mee. Sprak je in je onderzoek naar de opleidingen ook met hen?
‘Studenten maakten geen onderdeel uit van het onderzoek bij finance. Er waren wel individuele meldingen. Dat ze dingen aankaartten waarbij ze zeiden: hopelijk krijgen volgende studenten hier niet mee te maken.’
Uitvallende lessen bijvoorbeeld, omdat een docent ziek thuis zit.
‘Zulke dingen. Al zie je dan wel een enorme bereidheid bij opleidingen om de lessen door te laten gaan. Uiteindelijk doen ze vaak alles om die studenten maar niet te duperen.’
‘Het zijn barre tijden voor de hogeschool, het is nu extra belangrijk dat managers niet uit de heup schieten’
Ik wil vooruitkijken. In het verleden heb je gezegd dat problemen open met elkaar besproken moeten worden. Is die cultuur er nu genoeg op de HvA?
‘Dat vraag ik me af. Ook omdat je dat moet oefenen, en eerlijk gezegd denk ik dat dat nu niet voldoende gebeurt. Op de HvA staan heel veel dingen schitterend op papier. Maar wat betekent een “handreiking ongewenst gedrag”, als je er nooit mee te maken krijgt? Dat is hetzelfde als een brandoefening. Dat kun je nog zo mooi op papier zetten, je zult ermee moeten oefenen.’
Wat wens je de hogeschool toe, komend jaar?
‘Een beetje ontspanning. Het zijn barre tijden. Met de bezuinigingen die eraan komen ligt het in de lijn der verwachting dat er ook meer arbeidsconflicten ontstaan. Het is juist dan ontzettend belangrijk om ontspannen te blijven kijken naar wat er gebeurt. Dat je niet vanuit de heup schiet als manager.’
‘Genoeg aandacht, inspiratie en bezieling over het werk dat we hier doen. Waar zijn we nou eigenlijk voor, als HvA? Daarmee moeten we in contact blijven. Dat het niet alleen gaat over de dagelijkse gedoetjes, de cijfers, de missie-visie-strategieplannen, maar ook met de bezieling. Met het hart. Juist als je harde besluiten neemt moet je je hart erbij houden. Voor mij persoonlijk is dat ook erg belangrijk, want ik hoor alleen maar over de dingen die niet goed gaan. Als je vergeet hoe vaak het wel goed gaat, krijg je een te zwart beeld van de situatie.’
Dus af en toe even een ommetje maken op de campus.
‘Zeker. Maak af en toe een ommetje.’
Het volgende eindejaarsinterview van De vijf van ’25 is met Gijs Tuinman, staatssecretaris van het ministerie van Defensie, over de samenwerking die hij heeft opgetuigd met het hbo. Waarom komt Defensie de collegezaal binnen?
Lees ook ons eerste interview met Trimbos-onderzoeker Jolien Dopmeijer, over het welzijn van studenten.
Deel dit verhaal op je socials:
Geplaatst door
Eindredacteur bij HvanA. Ik volg en schrijf van alles en luister graag naar de verhalen die je te vertellen hebt. Tips voor zo’n goed verhaal op HvanA? Stuur een mailtje naar benne@hvana.nl.

