‘Verstaan bestuurders en studenten hetzelfde onder goed onderwijs?’

juni 10, 2025
Beeld:

HvanA

Jacob Eikelboom

Docent Jacob Eikelboom schrijft elke twee weken een column over het verwarrende leven op en rond de hogeschool. Deze keer legt hij de beoordelingen van zijn opleiding naast elkaar en stuit hij op een kloof. ‘Onze opleiding wordt goed beoordeeld, terwijl studenten minder tevreden zijn.’

Het contrast tussen de uitkomsten van de NSE, de nationale studentenenquête, en het beoordelingsrapport van mijn opleiding kon bijna niet groter.

In de NSE uiten studenten hun zorgen en ontevredenheid over de opleiding, terwijl het accreditatiepanel lovend en tevreden is over de opleiding. Beide rapporten verschenen vorige week. Blijkbaar komt wat we zeggen te doen niet overeen met wat studenten ervaren.

Eerst wat achtergrondinformatie voor wie niet thuis is in de wereld van beoordelingen van het hoger onderwijs. Elk jaar geven studenten hun mening over de hogeschool en hun opleiding. De vragen in de NSE gaan over de inhoud van de opleiding, docenten, toetsing, welzijn, begeleiding en flexibiliteit.

De scores lopen van 1, heel ontevreden, op naar 5, heel tevreden. De algemene score over mijn opleiding was dit jaar 3,3. Geen zware onvoldoende, maar zeker niet goed. Vergeleken met vorig jaar is de score gedaald. En als je kijkt naar de scores van andere opleidingen en hogescholen, dan is een score van 3,3 wel degelijk laag.

Onze toetsing krijgt grote complimenten, terwijl dit onderdeel het slechtst scoort bij studenten

Naast de tevredenheid van studenten wordt ook de inhoudelijke kwaliteit van een opleiding elke zes jaar getoetst op alle wettelijke eisen waarin een opleiding moet voldoen. Een accreditatiepanel beoordeelt het niveau, de toetsing, het docententeam en de samenhang met het werkveld. Mijn opleiding scoort op alle punten een goede voldoende. De complimenten liegen er niet om. De opleiding is prima in orde en het diploma dat in jaar 4 wordt afgegeven is het meer dan waard.

Opvallend in het accreditatierapport is dat de recente onderwijsvernieuwing wordt geprezen. Dat staat in schril contrast met de teruglopende tevredenheid van studenten sinds die invoering. Die ontevredenheid is terug te zien in de teruglopende aantallen studenten en deskundige docenten die de opleiding hebben verlaten. Het onderdeel toetsing krijgt ook nadrukkelijk complimenten van het accreditatiepanel. Dat is nu net het onderdeel dat het slechtst scoort bij de studenten in de NSE.

Deze contrasten die in dezelfde week verschenen roepen vragen bij mij op. Verstaan bestuurders, managers, docenten en studenten hetzelfde onder goed onderwijs? Komen de belangen bij het beoordelen van een opleiding van bestuurders, managers, docenten en studenten wel overeen?

De verschillende belangen en opvattingen tussen al die betrokkenen zijn op zich verklaarbaar. Er is een onafhankelijke beoordeling nodig van onderwijskwaliteit. Er moet iemand voor de financiën en de organisatie van onderwijs zorg dragen. Er zijn docenten nodig die hun expertise kunnen overbrengen, die kunnen uitdagen, inspireren en motiveren. En er zijn studenten die willen groeien en een diploma willen halen. Dat alles kan prima door één deur.

Onze opleiding is echt niet het probleem, het systeem is het probleem

Maar een kloof zoals ik die vorige week in beide rapporten zag, die past niet door één deur. Goed bedoelde en doordachte inhoud en intenties van een opleiding zorgen blijkbaar niet altijd voor beter onderwijs of betrokken studenten. En dat is zorgelijk. Een geaccrediteerde opleiding met lovende kritieken zonder voldoende aantallen positief gemotiveerde studenten is weinig waard.

Mijn opleiding is trouwens niet het probleem, het is een prachtige en zinvolle opleiding die van iedereen een tien verdient. Het systeem is het probleem. In een recent debat in de Balie met de prangende vraag Wie leidt ons onderwijs? bespraken deskundigen ook die kloof tussen papier en werkelijkheid.

In het gesprek wordt veel geweten aan de flauwekul waar het onderwijs mee overladen wordt. Regels, vernieuwingsdrang en bestuurlijke bemoeienis dragen niet per se bij aan goed onderwijs. Alle deskundigen zijn het er over eens dat we obstakels in het onderwijs samen moeten oplossen, er is niet één partij schuldig of verantwoordelijk. Er is sprake van een collectieve impotentie in het onderwijs, vat een spreker samen.

Hoe nu verder? Als reactie op de relatief slechte NSE-score op de HvA krijgen alle opleidingen de opdracht van het CvB om met een verbetermaatregel te komen. Ik app wat heen en weer met collega’s over de tragische cijfers van mijn opleiding en hoe we het tij kunnen keren. Maak van een zinkend schip een onderzeeboot, schrijft er één. Een ander stelt voor dat studenten, docenten en andere medewerkers minstens drie keer per dag moeten lachen. Vechten voor een mooie opleiding en tegelijk plezier hebben in wat je doet om studenten tevreden te behouden. Ik ben voor.

Lees ook

Geplaatst door

Jacob Eikelboom is naast overtuigd twijfelaar ook docent bij de opleiding Sociaal Juridische Dienstverlening. Elke twee weken schrijft hij een column voor HvanA over het verwarrende leven op en rond de hogeschool.