Verplichte stagevergoeding? Fysiotherapie vreest dan verlies aan stageplekken

mei 28, 2026
Geplaatst door
Basia Elting
Op
28 mei 2026

De overheid wil stagevergoedingen verplicht maken. Goed nieuws voor studenten, maar bij Fysiotherapie aan de HvA klinkt het plan als een alarm. Als kleine praktijken straks een stagevergoeding moeten betalen, vreest de opleiding dat veel stageplekken verdwijnen. ‘Wij zitten in een spagaat.’

Weken achter elkaar stage lopen, meerdere dagen per week. Nauwelijks tijd om bij te verdienen, soms al meedraaien als een volwaardige collega. De ene student krijgt daarvoor een vergoeding, de ander niet of nauwelijks. De overheid wil dat meer gelijktrekken met een verplichte stagevergoeding. Voor de zomer stuurt het ministerie een brief naar de Tweede Kamer met de eerste plannen.

Stagecoördinator Marjolijn Bossers-Kooistra begrijpt waarom. ‘Ik gun iedere student dat die iets terugkrijgt voor tijd en werk,’ zegt ze. ‘Maar we zitten ook in een spagaat.’

Die spagaat zit vooral bij de kleine praktijken in de wijk, waar zo’n zeventig tot tachtig procent van de fysiotherapiestudenten stage loopt. Juist daar hebben ze weinig financiële ruimte voor een stagevergoeding.

Uitgebreid op de agenda
Een stagiair levert zo’n praktijk niet automatisch extra geld op, terwijl begeleiden wel tijd kost. Als stagevergoeding verplicht wordt, verwacht Bossers-Kooistra dat zeker de helft van die kleine praktijken stopt met begeleiden. Dat gaat om ruim een derde van alle stageplekken. Je wil het beste voor de student. Maar dat betekent ook dat je hen de kans moet geven om praktijkervaring op te doen.

Waarom levert een stagiair niet zomaar geld op?
Fysiotherapeut is een beschermde beroepstitel: zonder registratie mag je je geen fysiotherapeut noemen. Daarom kan een praktijk behandelingen alleen declareren bij de zorgverzekeraar op naam van een geregistreerde fysiotherapeut.

Een student telt daarvoor niet zomaar mee, ook niet als die al in het vierde jaar zit en veel zelfstandig kan werken. Tegelijk kost begeleiding tijd: een fysiotherapeut moet meekijken, uitleg geven en verantwoordelijk blijven voor de behandeling. Die tijd kan de therapeut niet aan andere patiënten besteden.

Die vrees baseert ze niet alleen op haar eigen gevoel. Vanuit stagepraktijken kreeg ze al de vraag of de HvA kan meebetalen aan begeleiding. Ook bij een landelijk overleg met stagecoördinatoren van hbo-fysiotherapieopleidingen stond de mogelijke verplichting uitgebreid op de agenda.

‘Een uniforme aanpak werkt niet’

Als die plekken verdwijnen, zijn studenten daar de dupe van, zegt Bossers-Kooistra. Fysiotherapiestudenten lopen twee stages van twintig weken, drie dagen per week. De opleiding heeft geen numerus fixus, studenten komen niet alleen uit Amsterdam, maar ook uit Culemborg, Dordrecht of Arnhem. Nu al is het elk jaar puzzelen om iedereen een plek te geven. Minder stageplekken betekent volgens haar dat studenten verder moeten reizen, langer moeten wachten of, in het slechtste geval, helemaal geen plek vinden.

Verschillende geluiden
Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) kent de zorgen. ‘Die zijn terecht en hebben onze volle aandacht,’ reageert woordvoerder Lucas Verbunt. Volgens hem worden de zorgen meegenomen bij het uitwerken van het wetsvoorstel. Hoe hoog de verplichte vergoeding zou worden, is nog onbekend. Ook is onduidelijk of er één landelijke norm komt, of dat rekening wordt gehouden met verschillen tussen sectoren en opleidingen.

Studenten hebben nu al vaak moeite bij het vinden van een stage (tekst loopt door onder video). 

Beeld: HvanA | Drie studenten vertellen over hun ervaring

Bij Voeding en Diëtetiek klinkt een vergelijkbaar geluid als bij Fysiotherapie. ‘Het is nu al moeizaam om genoeg stageplaatsen te vinden,’ schrijft stagecoördinator Suzanne van der Plas. Als daar een verplichte vergoeding bovenop komt, wordt dat volgens haar alleen maar ingewikkelder.

‘Hoe voorkom je dat de plekken verdwijnen waar studenten hun vak moeten leren?’

Andere opleidingen voorzien minder problemen. Bij Communicatie en Creative Business is het vinden van stageplekken meestal geen probleem, zegt stagecoördinator Bart Ponjee, ook niet als het om honderden stages per periode gaat. Dat een verplichte vergoeding voor sommige kleine aanbieders kan knellen, erkent hij. Maar van paniek is geen sprake. ‘Misschien is dat anders zodra de verplichting echt ingaat.’

Rol voor zorgverzekeraars 
Juist dat verschil tussen opleidingen is volgens Bossers-Kooistra het punt. ‘Een uniforme aanpak werkt niet.’ Commerciële bedrijven kunnen een stagevergoeding dragen. Kleine zorgpraktijken, kunstinstellingen en kleine organisaties hebben die ruimte vaak niet.

Een kant-en-klare oplossing heeft Bossers-Kooistra niet. De HvA heeft volgens haar waarschijnlijk geen middelen om praktijken te compenseren. Wel ziet ze mogelijk een rol voor zorgverzekeraars: als studenten bepaalde handelingen deels declarabel kunnen maken, leveren ze meer op voor een praktijk, en wordt een vergoeding misschien haalbaar.

Het draait volgens Bossers-Kooistra niet om de vraag óf studenten een vergoeding verdienen. ‘De vraag is vooral wie die vergoeding mogelijk maakt, en hoe je voorkomt dat de plekken verdwijnen waar studenten hun vak moeten leren.’

Deel dit verhaal op je socials

Lees ook
Basia Elting
Redacteur | basia@hvana.nl |  + posts