Van speciaal onderwijs naar summa cum laude op de HvA: Willo brak door het glazen plafond
Benne van de Woestijne/HvanA
Willo Zonneveld op de Wibautstraat
Willo Zonneveld kreeg als klein kind te horen dat hij anders was: hij moest naar het speciaal onderwijs. Tientallen jaren later heeft hij bijna elk onderwijsniveau bewandeld en prijkt er summa cum laude op zijn HvA-diploma. Zijn twijfels overwon hij, maar het stigma op speciaal onderwijs blijft groot: ‘Mensen snappen nog steeds niet waarom ik het nu ineens wél kan.’
‘Ik heb een verhaal dat laat zien dat het glazen plafond in het onderwijs te verbrijzelen is.’ Het gebeurt niet vaak dat de redactie van HvanA een mail ontvangt waaruit zo veel drive spreekt als het bericht waarmee Willo Zonneveld (43) op een zaterdagavond in onze mailbox belandt.
Willo heeft een bijzonder verhaal. Tientallen jaren geleden op het speciaal onderwijs begonnen, via de lagere technische school (LTS) het werkveld in gegaan, jarenlang gewerkt in de gevangenis en als vrachtwagenchauffeur, om uiteindelijk via alle mbo-niveaus als veertigjarige in het hbo te belanden. Afgelopen januari studeerde hij af aan de HvA, bij de (deeltijd)opleiding Social Work.
Zijn cijfers? Een 9,44 gemiddeld, summa cum laude. Voor zijn afstudeerscriptie, een onderzoek naar het effect van wachttijden op tbs’ers in de Psychiatrisch Penitentiaire afdeling van de gevangenis, behaalde hij, schrik niet, een tien.
‘Dat label speciaal onderwijs leidde bij mij tot een soort tirannie van lage verwachtingen. Ik ben gemaakt om in een magazijn te werken, dacht ik’
‘Ik was natuurlijk ontzettend blij’, zegt Willo, een week later aan het terras van een koffiezaak op de Wibautstraat. Zijn diploma’s liggen voor ons op tafel, zelfs de oudste cijferlijst van het speciaal onderwijs in Hillegom heeft hij mee. ‘Maar er kwam ook verdriet los. Ik realiseerde mij dat ik lang niet in mezelf had geloofd. En dat heeft alles te maken met het label dat ik als kind al kreeg.’
De speciale route
Want wat doet het met je als je al op jonge leeftijd te horen krijgt dat je ‘speciaal’ bent en niet met de ‘normale’ kinderen in de klas kunt blijven zitten? Willo was acht jaar oud toen hem werd verteld dat hij naar het speciaal onderwijs moest.
‘Ik kon niet goed lezen en schrijven. Als ze mij vroegen letters keurig binnen de lijntjes te schrijven, had ik daar al moeite mee. Ik had de concentratie niet, was voortdurend afgeleid. Achteraf weet ik dat de chaos die bij ons thuis speelde er ook alles mee te maken had.’
Willo moest dus naar een andere school. ‘Iedereen heeft zijn eigen kwaliteiten, zeiden mijn ouders.’
Wat is speciaal onderwijs?
Speciaal onderwijs is onderwijs voor kinderen met een bepaalde handicap, stoornis of ziekte die maakt dat ze meer ondersteuning nodig hebben. Kinderen gaan hiervoor meestal naar een aparte school.
Sinds eind 20e eeuw is het speciaal onderwijs verdeeld in vier clusters. Dit zodat dove en blinde kinderen (cluster 1 en 2) weer op een net andere manier kunnen worden ondersteund dan leerlingen met een ziekte of beperking (cluster 3) en gedragsproblematiek (cluster 4).
Maar toen vriendjes doorkregen dat hij niet zo normaal meer was, wilden ze niet meer met hem spelen. ‘Toen begon de buitensluiting. Ik ontwikkelde faalangst, ook omdat iedereen mij ineens als “anders” zag. Verder leren? Ik dacht er niet aan. Dat label van speciaal onderwijs leidde bij mij tot een soort tirannie van lage verwachtingen.’
De route van het speciaal onderwijs voerde hem naar de LTS, een vorm van middelbaar onderwijs die nu niet meer bestaat. ‘Ik ben gemaakt om in een magazijn te werken, dacht ik. Op een gegeven moment kon ik vrachtwagenchauffeur worden, dat vond ik al heel wat.’ Hij kan er nu wel om lachen. ‘We zijn twintig jaar later. Kijk nu eens.’
Zelden
Willo’s verhaal is vrij uniek. Kinderen van het speciaal onderwijs belanden maar zelden in het hoger onderwijs, laat staan dat ze daar (summa) cum laude afstuderen. Na het voortgezet speciaal onderwijs, waarvoor kinderen meestal naar een aparte school gaan, gaat ruim een op de drie door naar het mbo. Maar daar valt meer dan de helft alweer uit. Ook op mbo-2 niveau haalt meer dan de helft geen diploma.
Zelf was Willo pas dertig toen hij een mbo-opleiding startte. Toen pas begon hem te dagen dat hij misschien wel beter kon leren dan hij dacht. ‘Die opleiding tot persoonlijk begeleider ging zo goed dat ik dacht: ik wil het wel gaan proberen in het hbo.’ De rest is geschiedenis.
Stigma
Belangrijk dat er in Nederland een route is met extra aandacht voor kinderen met gedragsproblemen of een ondersteuningsvraag, zegt Willo. Tegelijk creëert het een tweesnijdend zwaard, zegt hij. ‘Want als je al op jonge leeftijd te horen krijgt dat je anders bent, wordt het moeilijk om te geloven dat je ooit nog normaal zult zijn.’
Als hij dan ook één boodschap heeft bij dit interview, dan is het wel dat het stigma af moet van het speciaal onderwijs. ‘Deze kinderen hebben veel meer in hun mars dan ze zelf vaak denken, vermoed ik.’

Beeld: Benne van de Woestijne/HvanA | Willo Zonneveld
Het stereotype beeld van deze leerlingen is hardnekkig, denkt Willo. Ook nu nog kijken mensen anders naar hem als hij vertelt dat hij op het speciaal onderwijs heeft gezeten. ‘Dan schrikken ze vaak. Bij een sollicitatie vroegen ze mij waarom ik het nu ineens wél kon. En medestudenten op de HvA vroegen zich ook al af wat mij was overkomen, dat ik daar was beland. Terwijl ik eigenlijk in een heel normale klas heb gezeten. Ja, de een had last van gedragsproblematiek, de ander moeite met schrijven. We hadden op dát moment extra ondersteuning nodig.’
Onderwijs plus
Speciaal onderwijs op aparte scholen, lijkt in ieder geval niet meer van deze tijd. Waar Willo te maken kreeg met buitensluiting, wil de overheid toe naar een systeem waar alle leerlingen zo veel mogelijk met elkaar naar school blijven gaan, onder het mom van inclusief onderwijs. Als het aan hem ligt doen ze ook meteen wat aan de naam.
‘Soms zeggen gevangenen schoorvoetend tegen mij dat ze op het speciaal onderwijs hebben gezeten’
‘Geen enkel iemand, zeker niet op die jonge leeftijd, wil “speciaal” zijn. Noem het dan “onderwijs plus”, of zo, geef er een positieve spin aan. Maar met zo’n naam zadel je een kind meteen al op met het idee dat je toch nooit normaal zult zijn.’ Zelf is Willo nog niet uitgeleerd. Misschien gaat hij wel een master doen aan de universiteit. Voor nu werkt hij nog steeds in de gevangenis, op de penitentiaire afdeling, voor gedetineerden met een psychiatrische stoornis.
‘Soms zeggen die gedetineerden schoorvoetend tegen mij dat ze op het speciaal onderwijs hebben gezeten. Als ik dan antwoord dat ik dat ook heb gedaan, kunnen ze mij haast niet geloven. Je ziet ze kijken: maar jij hebt een normale baan, hoe dan? Tja, zeg ik dan. Waar ik nu ben, daar kan jij ook staan. Het kan alleen wel even duren, haha. Moet je die stapel diploma’s toch eens zien.’
Deel dit verhaal op je socials
Geplaatst door
Eindredacteur bij HvanA. Ik volg en schrijf van alles en luister graag naar de verhalen die je te vertellen hebt. Tips voor zo’n goed verhaal op HvanA? Stuur een mailtje naar benne@hvana.nl.

