‘De studeercrisis is een groot probleem, laten we dus niet in paniek raken’
Christa Romp
Suzanne Okkes
Nieuws, memes, viral TikTok-trends? De wereld van haar studenten gaat razendsnel, weet Suzanne Okkes, maar voor school doen ze wel steeds minder. Hoe krijg je studenten weer naar de klas? ‘Kalm blijven is nu belangrijker dan wéér ons onderwijs veranderen.’
We zitten in een studeercrisis. Jij, ik, het héle hoger onderwijs. Vanuit de docentenkamer bezien geen stop-de-persen-nieuws. Daar dachten we vooral: ‘Eindelijk staat het ook eens in de krant’.
Geen van mijn collega’s is verbaasd over de alarmerende punten die op HvanA en later in Trouw werden genoemd: studenten komen steeds minder naar de lessen, bereiden zich steeds minder voor, én besteden steeds meer denk- en maakwerk uit aan hun ‘grote vriend’ AI.
Een drietrapsraket, noemt docent-onderzoeker en HvA-collega Izaak Dekker het.
Het tempo waarin we veranderen op de HvA doet denken aan een huisarts die bij vage klachten meteen begint te sleutelen
Maar vraag eens honderd mensen op straat wat het belangrijkste is in een crisis en zeker negentig van hen zullen zeggen: kalm blijven! En daar slagen we als HvA, in elk geval bij mijn opleiding CO-CB, niet zo goed in. Er is daar in de afgelopen paar jaar zó veel, zó ingrijpend veranderd dat we soms het doel voorbij lijken te schieten.
Van sprints gingen we naar ‘stones’, daarna naar aangepaste, geschrapte of samengevoegde stones. Van driepuntsvakken naar vakken van vijftien punten. Jaarteams werden stoneteams, tentamens werden portfolio’s. Daarna kregen we het nieuwe afstuderen, het hamburgermodel, en dan vergeet ik waarschijnlijk nog een paar ontwikkelingen.
Ik weet het, panta rhei, alles is in beweging. De wereld verandert razendsnel, zéker in media en communicatie. Aanpassen hoort erbij. Maar het tempo en de opeenstapeling, terwijl het jaarrooster doordendert, doen me denken aan een huisarts die bij een patiënt met vage klachten meteen begint te sleutelen. Eerst een zalfje. Twee dagen later toch maar een crème. Na een week, omdat het nog niet lijkt te werken, een extra onderzoek. En een kuurtje antibiotica voor alle zekerheid. Uiteindelijk knapt de patiënt op. Maar waar lag dat eigenlijk aan? Redenen om niet naar de les te gaan zijn er heel veel. Het is moeilijk, soms saai, het kost energie, je hebt werk, misschien ben je mantelzorger, misschien speelt er van alles in je leven. Als je mij vraagt waar ik liever zou zijn – waar ik ook ben – is het antwoord vrij vaak: op de bank onder een dekentje met een reep chocola en een serie.
We moeten studenten in de les iets bieden wat ze niet net zo goed thuis achter de laptop kunnen doen
Maar wat zijn de belangrijkste redenen om wél te gaan? We moeten studenten iets bieden wat ze niet thuis aan de laptop kunnen vinden. HvanA plaatste vorige week een video waarin studenten vertellen in hoeverre ze gelukkig zijn in hun studie. Een studente vertelde dat zéker niet te zijn. En op de vraag hoe dat kwam, zei ze: ik merk niet dat het docenten écht wat uitmaakt wat ik aan het doen ben.
‘Ze zitten daar niet zo van: ik hoop dat je het haalt’. Die uitspraak hakte erin. Ik heb het drie keer teruggekeken, en ik zou tegen haar willen zeggen: we willen allemaal heel graag dat je het haalt. Ik ken écht alleen maar collega’s die de grootste supporters van hun studenten zijn. Die trots staan te stralen bij een diploma-uitreiking, die energie krijgen van een geslaagd assessment, die het heerlijk vinden om een negen te kunnen geven. Niemand zit daar met het idee: het kan mij niet schelen of ze wat leren.
Uiteindelijk willen we allemaal hetzelfde, we hebben alleen soms andere ideeën over hoe we daar moeten komen.
Aan de prestigieuze (lees: peperdure) universiteiten Oxford en Cambridge spelen deze problemen wat minder. Heus niet omdat de studenten daar heel anders zijn dan de onze, maar omdat het tutorialsysteem aanwezigheid vereist: intensieve werksessies, waarin docenten mede beoordelen op basis van hun eigen observatie, in plaats van alleen reflectieverslagen die ‘Chat’ ook kan schrijven. Natuurlijk is het te duur om dat één-op-één over te nemen, en nee, we zijn geen Oxford. Maar het onderliggende principe is niet onhaalbaar.
Kalm blijven is nu belangrijker dan weer een nieuwe ingreep in ons onderwijs
Want de afgelopen twee blokken heb ik voor een deel al zo gewerkt. Bij Media Startup (de challenge waarbij studenten een magazine maken en verkopen) is er géén opkomstplicht, maar is een deel van je cijfer gebaseerd op professioneel handelen, presenteren, je houding in de redactie en je inbreng bij brainstorms.
Als mensen veel lessen misten, konden we bijsturen en zeggen: ik heb tot nu toe te weinig van je gezien om je te kunnen beoordelen.
Ik ben blij dat er aandacht is voor de crisis en dat er serieus onderzoek naar wordt gedaan. Ik heb ook geen pasklare oplossingen, alleen ervaringen en observaties uit mijn kleine stukje van de dagelijkse praktijk. Wat die observaties me leren, is dat kalm blijven misschien wel belangrijker is dan nóg een nieuwe ingreep. Niet meteen weer een andere zalf, crème of pil zodra iets niet direct aanslaat, maar even kijken wat er gebeurt. Minder symptoombestrijding, meer aandacht voor de basis.
Doen waar we in essentie goed in zijn: lesgeven in ons vak, studenten zien, werken in groepjes. Beoordelen op voorbereiding, inzicht, professioneel gedrag. Soms weer toetsen op papier, lekker old school in een lokaaltje met de telefoons in de tas. Ruimte maken voor directe feedback en echte aanwezigheid — van studenten én docenten. Zorgen dat studenten voelen dat het ons écht wat uitmaakt. Dan worden we misschien niet alleen een stukje wijzer, maar vooral: gelukkiger.
Deel dit verhaal op je socials:
Geplaatst door

Suzanne Okkes
Suzanne Okkes is al meer dan tien jaar docent bij de opleidingen Communicatie en Creative Business (CO+CB). Ze is dol op schrijven, popular culture, media - eigenlijk alles wat met beeld en geluid te maken heeft. Voor HvanA schrijft ze elke twee weken een column over haar ervaringen als mediadocent.
