‘Het onderwijs draait steeds minder om wat ik als docent weet’

april 1, 2026
Beeld:

Nina Bakker

Naïm Asbaâ

Geplaatst door
Naïm Asbaâ
Op
01 april 2026

Naïm Asbaâ is docent, studieadviseur en, vooruit, een beetje idealist. Een ontmoeting met een student in de sportschool zet hem aan het denken over zijn eigen rol in het klaslokaal. ‘Docenten doen alsof zij alles weten, maar eigenlijk klopt dat verhaal allang niet meer.’

Ik sport in een sportschool waar ik af en toe mijn eigen studenten tegenkom. In het begin vond ik dat ongemakkelijk. Zij waarschijnlijk ook. Je ziet elkaar ineens in een andere setting. Geen lokaal, geen laptop of beoordelingsformulier tussen ons in, maar sportkleren, spiegels en een beetje geworstel met apparaten.

Soms kijken studenten snel weg. Alsof we allebei niet zeker weten of we elkaar hier moeten groeten. Alsof de rollen die we kennen even zoek zijn. Maar steeds vaker ontstaat er juist iets anders. Iets gelijkwaardigs. Iets dat misschien dichter bij leren ligt dan wat we op de HvA in het klaslokaal vaak doen.

‘Niet zo trekken, laat dat apparaat z’n werk doen!’ Ik kijk opzij. Mijn student. Hij staat naast me en wijst naar het apparaat waar ik duidelijk iets fout sta te doen. ‘Ja maar’, zeg ik, ‘ik denk dat ik hem zo goed pak.’ ‘Je denkt te veel’, zegt hij. ‘Gewoon doen, rustig aan. Voel je het?’ Ik voel vooral dat ik hier niet de docent ben.

Studenten gebruiken tools die sneller analyseren, schrijven en structureren dan wij als docenten kunnen bijhouden

In het lokaal ben ik gewend degene te zijn die uitlegt, beoordeelt en richting geeft. Hier sta ik te stuntelen en corrigeert hij mij zonder enige aarzeling. Niet onbeleefd, niet brutaal, gewoon vanzelfsprekend. ‘Oké’, zeg ik. ‘Nog een keer dan.’ Hij knikt. ‘Ja, nu begin je het te snappen.’

Wie de leermeester is, ligt niet vast. Het hangt maar net af van de context. Maar in het hoger onderwijs blijven we doen alsof de rollen stabiel zijn. Alsof de docent degene is die alles weet en de student degene die nog moet leren. Dat verhaal klopt volgens mij allang niet meer. In de sportschool is mijn student mijn leermeester, en dat is lang niet het enige voorbeeld. Studenten brengen kennis, ervaring en perspectieven mee waar wij als docenten niet omheen kunnen. En zeker nu, met AI, is kennis niet meer iets dat alleen maar bij ons vandaan komt. Studenten gebruiken tools die sneller analyseren, schrijven en structureren dan wij soms kunnen bijhouden.

We blijven het onderwijs inrichten alsof wij het centrum zijn, terwijl studenten allang niet meer alleen van ons leren. En terwijl wij als docenten blijven controleren en toetsen, wordt het onderwijs uitgekleed. Bezuinigingen drukken op teams. Klassen worden voller. De tijd om echt te onderwijzen wordt kleiner. En ergens daar middenin houden we vast aan het idee dat de docent de leermeester is, terwijl die rol steeds minder draait om weten en steeds meer om begeleiden.

Studenten zoeken niet alleen iemand die ze het antwoord geeft, maar ook iemand die laat zien hoe je blijft leren

‘Je moet dat ding niet forceren’, zegt mijn student weer. ‘Je moet hem begrijpen’. Ik lach. ‘Dat zeg ik ook altijd tegen jullie.’ ‘Ja’, zegt hij. ‘Maar jij doet het zelf niet.’ Hij heeft gelijk.

Ik vertel studenten vaak dat leren gaat over proberen, falen en opnieuw beginnen. Maar als docent doen we vaak alsof wij boven dat proces staan. Dat maakt het vak niet aantrekkelijker, dat maakt het ongeloofwaardig. Als we eerlijk zijn, weten we dat we het als docenten ook vaak niet weten. Dat we zoeken, aanpassen en leren. Dat we afhankelijk zijn van onze studenten om het onderwijs überhaupt levend te houden.

AI kan veel voor studenten doen. Het kan teksten schrijven, feedback simuleren en antwoorden genereren. Maar het staat niet naast je als je iets niet goed doet. Het kijkt je niet aan en zegt dat je houding niet klopt. ‘Ja’, zegt mijn student. ‘Dit is hem!’ Ik duw de stang gecontroleerd omhoog en adem uit. ‘Eindelijk.’ Hij grijnst. ‘Zie je wel. Je bent te coachen.’ Misschien is dat nog wel het belangrijkste, bedenk ik mij. Niet wie de leermeester is, maar of je te coachen bent. Of je durft te leren, ook als je officieel degene bent die het zou moeten weten.

In die sportschool, tussen het ijzer en het zweet, is dat heel normaal. Degene die het weet, helpt de ander. Zonder gedoe over rollen of titels. In het hoger onderwijs doen we daar nog moeilijk over. Misschien moeten we daar eens anders naar gaan kijken. Want als we blijven doen alsof de docent alles weet, terwijl dat allang niet meer zo is, dan houden we een systeem in stand dat steeds minder klopt.

Dat betekent niet dat studenten geen docent nodig hebben die dingen weet. Natuurlijk wel. Maar misschien zoeken ze niet alleen iemand die het antwoord heeft, maar ook iemand die laat zien hoe je blijft leren. En daar wordt uiteindelijk iedereen beter van. Onze studenten. Wij. En het onderwijs zelf.

Meer columns lezen van Naïm? Klik hier voor het overzicht. 

Deel dit verhaal op je socials:

Lees ook

Geplaatst door

Naïm Asbaâ

Naïm Asbaâ is docent, studieadviseur en, vooruit, een beetje idealist: onderwijs gaat immers over meer dan het verdienen van je studiepunten. Voor HvanA schrijft hij om de week een column.