‘Mijn hart maakte een sprongetje: ik zag twee studenten lezen’
HvanA
Jacob Eikelboom
Docent Jacob Eikelboom schrijft elke twee weken een column over het verwarrende leven op en rond de hogeschool. Iets wat je daar steeds minder ziet: mensen die een boek lezen. Toch zie je tot Jacobs grote blijdschap heel af en toe nog studenten met een boek voor hun neus.
Het beeld raakte mij en ik bleef er even naar kijken: twee studenten die aandachtig een roman lezen, wat onderuitgezakt in een bank op de vierde verdieping van het MLH, bij mij op de opleiding.
‘Wat heerlijk om jullie te zien lezen, dat maakt mij blij’ zei ik tegen de studenten. Het feit dat ze amper reageerden en na een knikje doorgingen met lezen maakte mij nog blijer. Het waren echte lezers verdiept in wat ze lazen. Ze waren niet bezig met een pose.
Dat is steeds vaker wel het geval, lezen als pose. Boeken lezen is sexy, instagramwaardig. Er is zelfs een woord voor: performative reading.
De boodschap van performative reading: kijk, ik ben niet oppervlakkig of vluchtig, maar ik houd van diepgang
Dat ziet er zo uit: op socials als Instagam en Tiktok posten mensen foto’s en video’s van zichzelf terwijl ze een boek lezen in de openbare ruimte, op een terras, in de trein of gewoon lopend op straat. Meestal lezen ze een klassieker, het liefst een tweedehandsje zodat het lijkt dat je het boek voor de derde keer leest, dat het boek je oneindig inspireert. De boodschap: kijk, ik ben niet oppervlakkig of vluchtig, maar ik houd van diepgang, ik heb geen socials nodig om de tijd te doden.
Ik moet bekennen dat het bij mij wel werkt, die pose. Als ik anno nu een vroege twintiger zou zijn, dan zou ik als een blok vallen voor zo’n lezer, ook al is het voor de vorm. Een horloge, een tas of een six pack zijn net zo goed performative, dan liever een boek.
Lezen en lezers vind ik aantrekkelijk. Niet voor niets ging ik taal en cultuur studeren toen ik achttien was, eerst Frans, toen Nederlands. Iemand die een Franse roman leest ergens op een terras, scoort nog steeds iets meer punten dan iemand met een Nederlandse titel op schoot, maar dat terzijde.
Sorry dames, de volgende keer houd ik mijn enthousiasme voor me en kunnen jullie ongestoord verder lezen
In Boedapest – waar ik regelmatig verblijf zoals lezers van mijn columns ondertussen wel weten – is lezen in het openbaar nooit weggeweest. Iedereen doet het overal. Het wordt ook nog eens makkelijk gemaakt, de stad is vergeven van verkooppunten van boeken. Bij metrohaltes en op perrons staan geen machines met Redbull en M&M’s, maar machines met pockets. Voor een paar euro koop je een titel. En het werkt. Waar ik in Amsterdam blij wordt überhaupt iemand lezend te spotten, kijk ik in Boedapest eerst wat iemand leest, voor ik hem of haar in stilte een compliment geef, zoveel lezers zie ik in de openbare ruimte.
Ik heb inderdaad mijn voorkeuren in titels en genres (poëzie is de champions league), al vind ik alle fictie lezenswaardig. Een lezer die aandachtig religieuze of andere homofobe of misogyne lectuur leest, kan mij niet meteen bekoren, tenzij diegene dergelijke titels als fictie leest. Maar om dat te achterhalen, moet ik de lezer eerst storen in die fantastische bezigheid die lezen is en dat doe ik liever niet.
Een lezer laat je lekker lezen, of het nu een pose is of niet. Dus sorry dames, de volgende keer als ik jullie zie lezen op de vierde van het MLH, dan houd ik mijn geluksmoment voor me en kunnen jullie ongestoord doorlezen.
Meer columns lezen van Jacob? Je vind ze hier allemaal verzameld.
Deel dit verhaal op je socials
Geplaatst door
Jacob Eikelboom is naast overtuigd twijfelaar ook docent bij de opleiding Sociaal Juridische Dienstverlening. Elke twee weken schrijft hij een column voor HvanA over het verwarrende leven op en rond de hogeschool.

