Meer aanwezig, hoger cijfer: waarom je als student juist wél naar de les moet komen
Daniël Rommens
Studenten bij het Kohnstammhuis (archieffoto)
Hoe meer je er bent, hoe hoger je cijfer? Het loont om naar de les te komen, zo blijkt uit nieuw onderzoek van Izaak Dekker, associate lector aan de HvA. HvanA sprak met hem over het belang van aanwezig zijn op een hogeschool die de binding met studenten af en toe behoorlijk kwijt is. ‘Een aanwezigheidsplicht is niet de heilige graal, maar bij eerstejaars ben ik zeker voor.’
Wat doet het eigenlijk voor je schoolprestaties als je wel of niet naar de les komt? En maakt het ook uit of de rest van de klas komt? Izaak Dekker, associate lector didactiek en curriculumontwikkeling aan de HvA, wilde het weten.
Samen met collega Jan-Willem Doornenbal startte hij een onderzoek naar de relaties tussen aanwezigheid en studiesucces. Ze hebben nieuws voor je: aanwezig zijn, loont.
Iedere keer dat je als (voltijd) student een college bijwoont, stijgt je tentamencijfer namelijk met 0,21 punt, blijkt uit het onderzoek. Dekker en Doornenbal gingen het na bij honderden studenten, die gemiddeld hoger scoorden als ze er vaker waren.
Kom dus naar de les, is dat de belangrijkste boodschap van jullie onderzoek?
‘Daar komt het wel op neer. Het is geen nieuwe boodschap, in de zin dat het belang van aanwezigheid wetenschappelijk allang is vastgesteld. We voeren nu al decennialang discussies over de vraag of aanwezigheid belangrijk is voor studenten, terwijl de literatuur laat zien dat het de belangrijkste voorspeller is voor succes.’
De allerbelangrijkste, echt?
‘Meer nog dan IQ, eerdere prestaties, motivatie of bijvoorbeeld je persoonlijkheid maakt het uit of je naar de les komt.’
Mensen twijfelen er nogal aan, zag ik in de LinkedIn-reacties op je onderzoek. Ligt het niet toch aan iets anders, vragen ze zich af.
‘Tja, komt een gemotiveerde student niet überhaupt vaker naar de les toe? Is het hogere cijfer niet een afgeleide van iets anders? Terechte vragen, maar die zijn in de literatuur al overtuigend beantwoord.’
‘Als jij ervoor kiest wél naar dat college op maandagmorgen te komen, ben je spekkoper’
‘Iedereen die zich wil wagen in de discussie over aanwezigheid raad ik aan om niet alleen mijn onderzoek, maar eerst deze meta-analyse te lezen. Natuurlijk zijn er meer “voorspellers” van succes, maar aanwezigheid is de belangrijkste.’
Als je dat eigenlijk al wist, wat gaf dan precies aanleiding voor dit onderzoek?
‘Ik wilde specifieke dingen te weten komen, zoals de verschillen tussen voltijd- en deeltijdstudenten en de rol die aanwezigheid van medestudenten speelt. Bovendien vond ik het sowieso belangrijk dit te onderzoeken op de HvA, nu zo veel opleidingen worstelen met het feit dat studenten thuisblijven.’
‘Het onderzoek leerde ons een aantal nieuwe dingen: online participatie en fysieke aanwezigheid zijn allebei heel belangrijk voor een hoger cijfer. Ook blijken vooral voltijdstudenten te profiteren van het naar de les toe komen. En we zagen dat het uitmaakt voor jouw cijfer of je klasgenoten wel of niet komen. Ben je er relatief meer dan anderen, gaat jouw cijfer extra omhoog.’
Omdat je dan meer persoonlijke aandacht krijgt?
‘Dat zou goed kunnen. Voor studenten die dit lezen is de boodschap in ieder geval duidelijk: je bent spekkoper als jij wél besluit te komen voor dat vroege college, terwijl de rest nog in z’n nest ligt te maffen.’

Beeld: Michael van der Putten | Izaak Dekker
Ik kan mij zo voorstellen dat de docent er ook nogal een rol in speelt. Is die niet geneigd hogere cijfers te willen geven aan iemand die vaker op komt dagen?
‘Ja. Dat zou zeker kunnen, al hoeft het niet per se te gaan om “voortrekken.” Het kan ook zijn dat ze, bijvoorbeeld bij stagebegeleiding, meer bewijs van bepaalde vaardigheden hebben gezien. Aanwezig zijn loont hoe dan ook. En wordt steeds belangrijker, omdat je als student tegenwoordig in de les veel meer feedback krijgt. Als je tegenwoordig niet meer komt, heb je een steeds groter probleem.’
‘Als je het mij vraagt, staan alle grote pijlers waarop ons onderwijs rust momenteel onder druk’
We zitten hier niet voor niets over te praten. Veel opleidingen worstelen ontzettend met het feit dat studenten zo weinig naar de lessen toe komen. Zijn de resultaten van studenten eigenlijk ook slechter geworden, nu ze vaker afwezig zijn?
‘Dat ben ik momenteel aan het onderzoeken. Het is moeilijk causaal vast te stellen. Maar de signalen zijn dat studenten minder naar school komen, en we weten dat prestaties en aanwezigheid met elkaar samenhangen. Dus ja, het is aannemelijk dat studenten slechter scoren door deze ontwikkeling.’
Reden tot zorg?
‘Ja. Zeker nu er bezuinigingen gaande zijn. De tendens is nu dat opleidingen minder lessen in gaan boeken of docenten minder tijd geven voor hun lessen. Lessen die slecht worden bezocht kunnen er ook net zo goed wel uit, lijkt her en der de gedachtegang. Ik vrees dat dit een slippery slope is, waarbij studenten uiteindelijk steeds minder leren.’
‘Sowieso staan de grote pijlers waarop ons onderwijs rust onder druk. Eén: doen studenten genoeg aan voorbereiding voor de les? Twee: komen ze nog wel náár de les? En drie: hebben ze wat ze inleveren zelf gemaakt? Over alle drie die vragen hoor ik dat veel opleidingen zich zorgen maken.’
Sommigen pleiten naar aanleiding van jouw onderzoek voor een aanwezigheidsplicht. Maar dat kun je studenten volgens de wet niet verplichten, toch?
‘Als je het mij vraagt, deugt de wet niet op dit punt. Je kunt studenten alleen verplichten om te komen bij bepaalde practica, en anders niet. Nou, volgens mij moeten we uitgaan van wat werkt en wat we waardevol vinden. En wat werkt? Dat je er bent.’
‘Toon dit aan je studenten als docent – laat hen inzien dat het belangrijk is dat ze er zijn’
‘Eerdere studies tonen dat waar je aanwezigheid verplicht, de prestaties omhooggaan. Ik ben zelf dan ook voorstander voor een aanwezigheidsplicht, in ieder geval voor voltijd eerstejaars. Dan schep je ook duidelijkere verwachtingen, en dat helpt studenten.’
Een uitdagend curriculum helpt ook.
‘Zo is het. Een aanwezigheidsplicht ontdoet je niet van de plicht om de les nuttig en waardevol te maken. En weet je wat ook helpt: een voorspelbaar, helder rooster. Waarom zou je dat niet alle drie doen?’
Wat moeten HvA’ers uiteindelijk vooral meenemen van dit onderzoek?
‘Ik hoop dat docenten dit ook aan hun studenten laten zien. Toon dit bijvoorbeeld in een slide aan het begin van je cursus. Dat helpt studenten inzien: het maakt écht uit dat ik er ben, dat ik meedoe, zowel het voorbereiden online als het naar de klas komen. En laten we eerlijk zijn: het zou ook eigenlijk absurd zijn als het niet uitmaakte, toch?’
Lees hieronder ook over het andere onderzoek dat Izaak Dekker momenteel doet. Hij gaat daarin na wat er nodig is om afwezige studenten weer terug naar de klas te krijgen.
Eindredacteur bij HvanA. Ik volg en schrijf van alles en luister graag naar de verhalen die je te vertellen hebt. Tips voor zo’n goed verhaal op HvanA? Stuur een mailtje naar benne@hvana.nl.

