Bram moest stoppen aan de HvA: ‘Ik word betaald om niet te studeren’
Tessel Bruns
Bram van Woerkom
Toen Bram zijn partner Lukas ontmoette, wist hij dat zijn leven drastisch zou veranderen. Lukas is ernstig ziek, kan nauwelijks lopen en heeft veel zorg nodig. Wat Bram toen nog niet wist: dat regels rond sociale zekerheid hem uiteindelijk zouden dwingen te stoppen met zijn studie aan de HvA. ‘Het is nog steeds mijn droom om docent te worden.’
‘Ja, waar zal ik beginnen?’, zegt Bram als we een rustige plek hebben gevonden in het Kohnstammhuis. ‘Ik denk al een week na over dit gesprek. Laten we twee jaar terug gaan, toen ik Lukas leerde kennen.’
Bram van Woerkom (24) en Lukas Verweij (21) wonen samen in Huizen. Lukas is ernstig gehandicapt: hij heeft constant pijn, zit in een rolstoel en is altijd moe. Werken of studeren is voor hem onmogelijk. Dat wist Bram al toen hij Lukas leerde kennen.
‘Ik zat destijds met de grootste vraag die ik ooit aan mezelf heb moeten stellen: kan ik dit aan?’ Hij koos voor de liefde, maar stelde zichzelf een voorwaarde: ‘Als ik met Lukas verder wil, ga ik hem helpen met zijn ziekteleven.’
Op dat moment wisten ze nog niet precies wat Lukas had. Ondanks zijn ernstige klachten, kreeg hij geen medische hulp. ‘Men dacht dat het tussen zijn oren zat’, zegt Bram. Lukas trok bij hem in en Bram werd zijn mantelzorger.

Beeld: Tessel Bruns | Bram van Woerkom
Tegelijk volgde Bram met veel plezier zijn studie Leraar Maatschappijleer aan de HvA. ‘Ik dacht: misschien gaat het beter als hij bij mij woont en we een stabiel leven opbouwen. Bovendien kende ik door mijn studie het Nederlandse systeem: welke uitkeringen er bestaan en bij welke instanties je moet zijn.’
Juist dat systeem leidde tot wat Bram nu een ‘Kafkaëske situatie’ noemt, want als Lukas en hij financieel wilden overleven, werd Bram gedwongen zich uit te schrijven bij zijn studie.
‘Waar is de medemenselijkheid?’
Het systeem in
Sinds Lukas is ingetrokken, probeert Bram medische hulp en financiële ondersteuning voor hem te regelen. Lukas heeft überhaupt geen inkomsten en zelf ontvangt Bram alleen studiefinanciering. ‘Daar konden we samen niet van leven. We zijn allebei met weinig geld opgegroeid en hebben niemand om op terug te vallen. Lukas had écht een uitkering nodig.’
Voor mensen met een arbeidsbeperking bestaan in Nederland verschillende regelingen (zie kader). De logische optie lijkt een Wajong-uitkering, bedoeld voor mensen die al op jonge leeftijd arbeidsongeschikt zijn.
Maar als Bram en Lukas in 2024 bij het UWV aankloppen, krijgen ze slecht nieuws. ‘Er werd gezegd: “U bent honderd procent gehandicapt, maar u kunt niet bewijzen dat uw handicap ook duurzaam (red: voor altijd) is”, vertelt Bram. De bewijslast daarvoor ligt volledig bij de aanvrager.
‘Ik stond perplex. Als iemand zijn hele leven al niet kan werken, hoe kun je dan twijfelen of dat zo blijft?’ Het jonge stel werd de deur gewezen, zonder uitkering.
Arbeidsongeschiktheidsregelingen
Naast enkele kleinere of specifieke regelingen zijn de belangrijkste de WIA en de Wajong.
De WIA (Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogens) is bedoeld voor mensen die door ziekte arbeidsongeschikt raken nadat ze hebben gewerkt en dus een ‘arbeidsverleden’ hebben. Lukas komt daarvoor niet in aanmerking: hij heeft nooit kunnen werken.
De Wajong (Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten) is bedoeld voor mensen die al vóór of tijdens hun 18e een ziekte of handicap hadden en arbeidsongeschikt zijn. Hiervoor is geen arbeidsverleden nodig.
‘Lelijke regeling’
Sociaal advocaat Ed van den Bogaard, gespecialiseerd in het sociale zekerheidsrecht, herkent deze situatie. ‘Bij de Wajong is het criterium heel streng’, zegt hij. ‘Als niet voor honderd procent kan worden uitgesloten dat iemand in de toekomst misschien nog kan werken, gaat men ervan uit dat er nog van alles kan. Zelfs als je in het geval van Lukas al volledig arbeidsongeschikt bent verklaard. Dat is wat de Wajong zo’n lelijke regeling maakt.’

Beeld: Westhoff Advocaten | Ed van den Bogaard
Bram vertelt dat ze het gesprek bij het UWV als ‘het meest bureaucratische gesprek ooit’ hebben ervaren. ‘De UWV-beoordelaar stelde vragen die we alleen met ‘ja’ of ‘nee’ mochten beantwoorden, er was geen ruimte voor uitleg of nuance. Toen ik na het gesprek zijn hand wilde schudden werd dat genegeerd. Waar is de medemenselijkheid?’
‘Zeker in arbeidsongeschiktheidsland is het menselijke gezicht stukje bij beetje afgebrokkeld’, zegt Van den Bogaard. ‘De regelingen zijn al sinds 2005 steeds strenger geworden. Vooral de wijziging van de Wajong in 2015 heeft tot veel schrijnende situaties geleid.’
Van de rechtspraak hoeven we op dit moment volgens de advocaat ook niet veel te verwachten. ‘Uitspraken zijn het afgelopen jaar zo gigantisch hard.’
De pijnlijke keuze
Het jonge stel had een duidelijke opdracht: bewijs verzamelen dat Lukas duurzaam arbeidsongeschikt is. En er was nog een andere boodschap van het UWV: misschien kon de gemeente Lukas wel helpen met het krijgen van een bijstandsuitkering.
‘Wanhopig als we waren, stapten we meteen naar de gemeente.’ Maar ook daar liep het spaak. Omdat Lukas nog geen 21 was, moest hij eerst een half jaar wachten voordat hij recht had op bijstand. ‘Een flinke tegenvaller’, zegt Bram. In die periode leefden ze nog steeds alleen van Brams studiefinanciering.
‘We konden alleen bijstand krijgen als ik me zou uitschrijven bij de HvA’
Toen Lukas in de zomer van vorig jaar 21 werd, volgde een nieuwe complicatie. Omdat het stel samenwoont, ziet de gemeente hen als één huishouden. Lukas kan daardoor geen individuele bijstandsuitkering krijgen; ze moesten gezamenlijke bijstand aanvragen.
‘Dat klonk eerst goed’, zegt Bram. ‘Maar toen kwam het volgende probleem.’ Omdat Bram studeerde en recht had op studiefinanciering, werd dat gezien als een ‘voorliggende voorziening’ en had hij geen recht op bijstand. Het bericht van de bijstandsconsulent was hard: ‘We konden alleen bijstand krijgen als ik me zou uitschrijven bij de HvA.’
‘Met andere woorden, was de keuze voor ons heel simpel: studeren of overleven.’ Bram schreef zich uit en zijn droom om docent te worden viel in duigen.
Kansengelijkheid
‘Het verhaal van Bram is pijnlijk’, zegt Lieve de Coninck, docent-onderzoeker bij het lectoraat Kansrijke Schoolloopbanen in een Diverse Stad aan de HvA. ‘Als een student moet stoppen met studeren om financieel te kunnen overleven, is dat schrijnend en paradoxaal. Juist een diploma vergroot iemands kansen op de arbeidsmarkt – en daarmee financiële zelfredzaamheid en welzijn.’

Beeld: HvA | Lieve de Coninck
Volgens haar staat Brams situatie daarnaast haaks op het uitgangspunt dat iedereen die wil en kan moet kunnen studeren. ‘Als studieuitval niets te maken heeft met motivatie of capaciteiten, maar met omstandigheden die buiten je macht liggen, raakt dat direct aan kansengelijkheid.’
Brams verhaal laat volgens De Coninck zien dat sommige studenten nog steeds worden buitengesloten van onderwijs. ‘Samenwerking moet plaatsvinden over de grenzen van sectoren en instanties heen’, zegt ze. ‘Zodat regelingen aansluiten bij hoe mensen leven, in plaats van dat levens moeten passen in regelingen, met alle schade van dien.’
Extra wrang
Wat Bram extra wrang vindt? Hij berekende dat een Wajong-uitkering waarschijnlijk goedkoper is voor de overheid dan de situatie waar ze nu in zitten. ‘Met een Wajong zouden we misschien iets minder geld krijgen, maar dan had ik mijn studie kunnen afmaken’, zegt hij. ‘En zou ik uiteindelijk kunnen werken en belasting betalen.’
‘Ik begin emotioneel en psychologisch uit elkaar te vallen’
‘Bovendien krijgen we nu ondersteuning via de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), daar vallen zaken als begeleiding en huishoudelijke hulp onder. Dat kost allemaal geld, en daar komen straks ook nog kosten voor juridische hulp bij.’ Bram zegt dat het op deze manier voelt alsof hij betaald wordt om niet te studeren, terwijl hij dat juist zo graag wil. ‘Dit is een systeem dat zichzelf tegenwerkt.’
Sinds de afwijzing van het UWV hebben Bram en Lukas tientallen artsen bezocht om bewijs te verzamelen. ‘Inmiddels heeft Lukas de diagnose ME/CVS gekregen’, zegt Bram. ‘Een ziekte die ernstige chronische vermoeidheid en pijn veroorzaakt.’ Maar de erkenning voor de duurzaamheid van zijn ziekte laat nog steeds op zich wachten.

Beeld: Eigen foto | Bram en Lukas
‘Ook als ze die erkenning wel krijgen, betekent dat nog niet automatisch dat het UWV het ook erkent’, zegt sociaal advocaat Van den Bogaard. ‘Wordt een nieuwe aanvraag opnieuw afgewezen, dan zullen ze bezwaar moeten maken met goede rechtsbijstand.’
Hulp vanuit de HvA
Omdat Bram met grote persoonlijke en financiële problemen kampte, zocht hij hulp binnen de HvA. Hij sprak onder meer met een teamleider en een studentendecaan, maar echte oplossingen waren er niet. ‘Als ik zou stoppen, kon ik misschien studiemateriaal krijgen om thuis verder te studeren. Meer konden ze niet voor me doen.’
De afgelopen jaren hebben diepe sporen bij hem achtergelaten. ‘Ik begin emotioneel en psychologisch uit elkaar te vallen’, zegt Bram. ‘Twee jaar aan gesprekken met instanties, artsen en bureaucraten hebben me uitgeput. Niemand wil ons écht helpen.’
Om zijn gevoel te beschrijven verwijst hij naar De gedaanteverwisseling van Franz Kafka. ‘Ik voel me machteloos, vervreemd en geïsoleerd. Net als de hoofdrol in het boek van Kafka begeef ik me vaak in absurde nachtmerries die me bang maken.’ Volgens een psycholoog heeft Bram waarschijnlijk PTSS ontwikkeld. Binnenkort start hij met therapie.
De droom blijft
Het leven van Bram staat al bijna twee jaar stil, terwijl hij niets liever wil dan een bijdrage leveren aan de samenleving. ‘Lesgeven is echt mijn roeping’, zegt hij daarover. ‘Het enige wat ik wil is een relatie met mijn partner en docent maatschappijleer worden. Meer heb ik niet nodig.’
De Coninck: ‘Het moet natuurlijk mogelijk zijn om, als je dat wil en kunt, te studeren en samen te wonen met iemand met een aandoening. Het lijkt me een enorme gemiste kans als iemand als Bram geen docent maatschappijleer kan worden, voor hemzelf en voor de maatschappij.’
De ex-HvA’er is vastberaden: ‘Ik ga die studie afmaken, al moet ik elke dag noedels met ketchup eten.’
‘Ik hoop dat het systeem ooit zo wordt ingericht dat ziekte en liefde niet worden bestraft’
Toch vreest Van den Bogaard dat het systeem voorlopig blijft vastzitten. ‘Zolang de politiek niet bereid is om de portemonnee te trekken en regelgeving aan te passen, blijven dit soort schrijnende gevallen bestaan.’
Bram schreef een brief naar zijn medestudenten toen hij noodgedwongen moest stoppen met studeren. ‘Om uit te leggen hoe dingen zo goed geregeld kunnen zijn op papier, maar toch zo verkeerd kunnen uitpakken in de praktijk.’
Aan het einde van zijn brief doet hij een oproep: ‘Wees kritisch op dit systeem. Stel vragen, praat erover, ook in jullie lessen. Dit soort verhalen spelen niet alleen bij mij en Lukas. Als toekomstige docenten en burgers dit blijven aankaarten, kan het misschien beter worden. Ik hoop terug te keren, en dat het systeem ooit zo wordt ingericht dat ziekte en liefde niet worden bestraft.’
Reactie UWV
Als iemand een Wajong-uitkering aanvraagt, nodigt het UWV die persoon uit voor een gesprek en volgt een beoordeling. Sinds de wijziging van de Wajong in 2015 wordt daarbij niet alleen gekeken óf iemand arbeidsongeschikt is, maar ook of die arbeidsongeschiktheid duurzaam is.
Het UWV richt zich daarom op wat iemand nog wél kan, in plaats van op de ziekte. Dat is cru, maar zo is het vastgelegd in de wet; vragen daarover moeten volgens het UWV bij de Tweede Kamer en het ministerie van Sociale Zaken worden gesteld.
Het UWV erkent dat contact met de organisatie voor mensen spannend kan zijn en dat zij zich niet altijd gezien of gehoord voelen. Volgens het UWV gaat het daar niet altijd goed mee om en doet de organisatie haar best dat te verbeteren. Op individuele situaties kan het UWV verder niet ingaan.
