Hoe gaat het met de Amsterdamse nacht? ‘Er moet meer ruimte zijn om aan te kloten’

juni 5, 2025
Beeld:

Nina Bakker

Nachtburgemeester Freek Wallagh

Geplaatst door
Nina Bakker
Op
05 juni 2025

Uitgaan wordt duurder, clubs verdwijnen, creatieve hotspots moeten plaatsmaken voor nieuwbouw. De nachtcultuur staat door gentrificatie onder druk, ziet nachtburgemeester Freek Wallagh (26). We spreken hem in een typisch Amsterdams café. ‘Het rauwe randje lijkt ervan af te gaan.’

Haastig komt Freek Wallagh het café binnen. De kroegkat kijkt even op. Ook overdag is de nachtburgemeester van Amsterdam een druk bezet persoon. Hij heeft zijn sigaretje opgerookt, zet zijn roze zonnebril af en gaat op de houten stoel onder de kroonluchters zitten.

Terwijl hij af en toe een slok cola neemt, vertelt de energieke Wallagh over de huidige ontwikkelingen en trends die hem opvallen onder studenten. De nachtcultuur lijkt de laatste jaren meer onder druk komen te staan. Zo zijn er regelmatig bijeenkomsten hierover in Pakhuis de Zwijger, en was er in april dit jaar nog een protest over nieuwe horecaregels.

Als student was Wallagh zelf onder meer op punk- en kraakfeesten in Amsterdam te vinden. Hij studeerde politicologie aan de UvA, gaf optredens als dichter, organiseerde evenementen en hield interviews met mensen in de nacht. Nu is hij al anderhalf jaar nachtburgemeester, een rol waarbij hij onder meer opkomt voor het nachtleven in de stad.

‘Er gebeurt nog steeds veel in Amsterdam’, vertelt Wallagh. ‘Sommige scenes, zoals de ravescene en kraakcultuur, zijn niet aan vergunningen verbonden en hebben juist een opleving in de stad. Speakeasies poppen overal op: verborgen bars waar je normaal misschien snel voorbij loopt. Maar tegelijkertijd staat de nachtcultuur ook onder druk.’

Freek Wallagh - nachtburgemeester Amsterdam

Beeld: Nina Bakker | Nachtburgemeester Freek Wallagh

‘Allereerst dreigt de nachtvloer een privilege te worden, uitgaan wordt almaar duurder. Amsterdam is ontzettend onderhevig aan gentrificatie. Het is steeds moeilijker om een plek te vinden en iets nieuws uit te proberen. Door hogere huren worden initiatieven steeds meer naar de buitenranden van de stad geduwd. Voor jonge mensen is het dus op alle vlakken lastiger om te experimenteren.’

‘Studenten moeten ruimte hebben om te denken: ‘fuck it, ik begin een kroeg’

Wallagh legt uit dat jonge organisaties het lastig vinden om een plek te vinden voor evenementen. Ook voor studenten zou er meer ruimte in de stad moeten blijven, vindt hij.

‘Als student doe je veel: je studeert, zit misschien bij een verenigingen, je werkt en daarnaast ben je aan het uitvogelen wie je bent. Daarom moet er plek zijn om dingen uit te proberen. Als studenten denken: fuck it, laten we een kroeg openen, moet er ruimte zijn om aan te kloten en te falen. En daar moet vanuit de stad vertrouwen in zijn. Dan ontstaan er nieuwe plekken. Nu is alles duur en is het erop of eronder of het overeind blijft staan.’

‘We zijn wat preutser geworden en iets minder nieuwsgierig. Dat is eeuwig zonde’

Terugdenkend aan toen hij vanaf zijn vijftiende begon uit te gaan in de Amsterdamse nacht, ziet Wallagh ook veranderingen in de cultuur. ‘Soms merk ik dat de spontaniteit er een beetje vanaf is. Het rauwe randje van de stad lijkt er een beetje af te gaan. We zijn wat preutser geworden en iets minder nieuwsgierig. En dat is eeuwig zonde. Het mag allemaal wel weer wat losser.’

Leeftijdsgrens
Dan is er nog iets waar juist de jonge studenten tegenaan lopen: steeds meer clubeigenaren verhogen de minimumleeftijd, valt Wallagh op. ‘Hierdoor vallen sommige studenten tussen wal en schip. Ze weten vaak niet waar ze naartoe kunnen gaan. Ik snap dat sommige clubs de leeftijd omhoog gooien. Maar het maakt het voor de nieuwe generatie wel moeilijker om de nachtcultuur te leren kennen en het uiteindelijk over te nemen van de oudere generaties. Dat creëert een afstand tussen die generaties.’

Zijn er dan straks helemaal geen plekken meer waar je als student terecht kunt? Wordt het te onbetaalbaar en blijft iedereen massaal thuis? Zo dramatisch is het niet, daarover maakt Wallagh zich geen zorgen.‘Veel studenten hangen nog altijd veel rond in bruine kroegen. Er is behoefte aan connectie, even weg van je beeldscherm en rustig in gezelschap genieten.’

En hoewel ook bruine kroegen de stad uit verdwijnen, heeft Wallagh hoop dat de bruine kroeg cultureel erfgoed wordt in Amsterdam. Juist de plekken die wél nog open zijn moet je koesteren.

‘In je studententijd moet je dingen ontdekken. Als we op vakantie gaan, zijn we altijd nieuwsgierig naar andere steden. Maar in eigen stad trekken we vaak een strak plan. Als je Amsterdam wil verkennen, ga dan eens zonder plan de nacht in. Ga eens naar plekken waar je normaal niet komt. Blijf nieuwsgierig en stel jezelf open. Volg je oren en je neus, laat je verrassen door het gezelschap dat je tegenkomt. Dan ontdek je vanzelf de kracht van de nacht.’

Lees ook

[molongui_author_box]