Studenten onderzoeken hoe je huiselijk geweld sneller herkent

8 februari 2018
Beeld:

Istock

Geplaatst door
Flora Woudstra
Op
8 februari 2018

Studenten van de minor community care gingen op onderzoek uit in Amsterdam-Oost. Het doel: vrijwilligers in de buurtzorg helpen bij het sneller herkennen en melden van huiselijk geweld. Hoe ging dat onderzoek?

De Buurtwinkel voor Onderwijs, Onderzoek en Talentontwikkeling (Boot) hoorde van vrijwilligersorganisaties dat zij geen meldcode hebben voor huiselijk geweld. Vrijwilligers hebben daardoor veel onduidelijkheid: wanneer en hoe melden ze het als er iets mis is?

 

Slechts iets meer dan een derde van alle meldingen van huiselijk geweld en kindermishandeling wordt gemaakt door non-professionals, waaronder vrijwilligers. Dat cijfer zou veel groter kunnen zijn, zoals je hieronder kunt zien.

Om te onderzoeken welke richtlijnen en kennis vrijwilligers nodig hebben om eerder en sneller melding te maken van huiselijk geweld, schakelde Boot de hulp van studenten in.

Privé-archief Olivier Hunnik | Olivier Hunnik

‘Moeilijk te herkennen’
Olivier Hunnik (21, sociaal-pedagogische hulpverlening) was één van de onderzoekers. ‘We hebben interviews afgenomen bij de vrijwilligers. Daar kwam uit dat basiskennis heel belangrijk is bij het signaleren van huiselijk geweld. Het is vaak moeilijk te herkennen, want er zijn verschillende signalen: een kindje dat erg veel honger heeft, of iemand met blauwe plekken.’


Zelfs als vrijwilligers die signalen zien melden ze het niet vaak, zegt Olivier. ‘Ze kennen de meldcode huiselijk geweld wel, maar toch voelt het melden als een grote eerste stap. Het voelt voor ze alsof er teveel consequenties aanzitten. Ze denken bijvoorbeeld: moet ik nu een melding maken en wordt dat kindje dan direct uit huis geplaatst?’

 

De studenten deden eerst een literatuuronderzoek en interviewden daarna twintig vrijwilligers. Ook stelden ze vragen aan mensen in de professionele zorg en woonden ze trainingen over de meldcode voor vrijwilligers bij.

‘Echt vet dat ons advies wordt gebruikt’

Contactpersonen
Docent Rhona Meijer begeleidde het onderzoek. ‘De stappen van de meldcode zijn niet altijd even duidelijk voor vrijwilligers,’ zegt zij. ‘Dat was de uitkomst van het onderzoek.’ Vrijwilligers hadden behoefte aan een extra stap voordat ze overgaan tot melden, een zogenoemde stap nul: ‘Bijvoorbeeld dat een vrijwilliger af kan stappen op een contactpersoon bij een vrijwilligersorganisatie, om te bespreken of de signalen die hij heeft gezien ook echt signalen van huiselijk geweld zijn.’


Olivier en zijn medestudenten presenteerden hun conclusies aan Boot. Ze gaan ze ook nog presenteren aan de Gemeente Amsterdam. Voor de vrijwilligers hebben ze een folder gemaakt. Olivier: ‘Het was echt vet dat we een verschil hebben kunnen maken bij deze organisaties en dat ze ons echt nodig hadden. Dat ons advies wordt gebruikt!’

 

Geschreven met bijdrages van Floor Hoogeboom en Lynn van der Zaag